Blog

Als paardrijden verboden wordt, verliest de diersoort het bestaansrecht

De kranten staan de afgelopen week vol met opinieartikelen over paardenwelzijn, met als aanleiding de Jumping Amsterdam. O.a. ‘paardensport is een onverantwoorde hobby‘ in de Volkskrant.

Als paardrijden verboden wordt, verliest de diersoort het bestaansrecht. In gedomesticeerde situatie is een paard in sommige gevallen wel degelijk beter af dan in het wild. De natuur is keihard, alleen de sterkste overleeft, er is geen dierenarts die lichamelijke ongemakken kan behandelen, er is geen extra ruwvoer als er niks meer groeit in de winter en er is geen schuilstal als het weer slecht is. Het paard gaat er in welzijn wel degelijk in een aantal opzichten op vooruit als je domesticatie en leven in de natuur met elkaar vergelijkt.

Paardrijden is ook niet natuurlijk, maar wel gezond voor een paard. Alleen rondlopen in een weiland of paddock paradise is voor een paard hetzelfde als een hond die wel losloopt op het er, maar nooit uitgelaten wordt. Honden vinden het leuk om op pad te gaan en uitgelaten te worden, ze worden enthousiast van het strand bijvoorbeeld. Voor paarden geldt precies hetzelfde, uitgelaten worden in de bossen of op het strand vinden ze spannend, omdat ernaast rennen en wandelen niet praktisch is, kun je er net zo goed op gaan zitten. Paardrijden draagt ook bij aan verbetering van de gezondheid van het paard, het paard is in beweging en krijgt een goede conditie en dus een betere gezondheid. Overgewicht en daarmee samenhangende klachten liggen op de loer als een paard alleen maar in de weide staat.

Dat er nog grote stappen te maken zijn op het gebied van paardenwelzijn bij sport en topsport is wel heel duidelijk. Veel sportpaarden slijten hun leven in kooien, boxen klinkt minder akelig, en komen daar slechts enkele uren per etmaal uit. De sectorraad paarden heeft inderdaad een keurmerk voor welzijn, maar dit stelt weinig voor. Het keurmerk kan al behaald worden als de dieren een half uurtje per dag loslopen en de rest van het etmaal in hun kooi staan. Wie even het krantenarchief raadpleegt, ontdekt als snel dat het vooral een organisatie is die het eigenbelang dient. De voorzitter van deze sectorraad was de eigenaar van de Hollandsche Manege in Amsterdam, die al meerdere malen in opspraak is geweest in relatie tot paardenwelzijn, omdat de paarden te weinig buiten komen. Het hele keurmerk is daarom ook zo ontworpen dat iedere traditioneel ingericht bedrijf er zonder al te veel aanpassingen aan kan voldoen. De SRP roept dan ook vooral in de eigen echoput.

Vernieuwingen waarbij paardenwelzijn erop vooruitgaat, gaat niet vanuit de sector zelf komen, niet vanuit de KNHS en niet vanuit de SRP. De veranderingen komen nu van onderop. Paardeneigenaren die kritische vragen stellen bij de huidige manier van opstallen en rijden van paarden en allemaal stuk voor stuk laten zien dat het ook anders kan. In oktober 2019 heb ik als alternatief voor het inhoudsloze keurmerk paardenwelzijn, de website het nieuwe paardenhouden opgericht. Een onafhankelijk platform waarbij paardeneigenaren met elkaar kennis en ervaringen delen over het jaarrond buiten huisvesten van paarden in kuddes. Er is ook een interactieve kaart beschikbaar waar paardenpensions en maneges op staan die hun paarden altijd buiten hebben staan in groepen. Het blijkt dat het gewoon kan met wat kleine aanpassingen, het kan ook in de randstad, een paar prachtige voorbeelden van paard vriendelijke huisvesting zijn gewoon onder de rook van Amsterdam te vinden. Ook zijn er al genoeg (top)sport voorbeelden te vinden in alle disciplines met paarden die het jaarrond buiten gehuisvest zijn.

Als de sector, inclusief de KNHS nu niet snel zelf het voortouw gaat nemen in het aanpakken van paardenwelzijn, dan gaan andere groepen het wel doen. De KNHS moet eens kritisch gaan kijken naar hoe topsport bedreven wordt, strengere controles uitoefenen op optomingen, bitten en doping. Je kunt natuurlijk heel hard roepen dat alleen domme vegans tegen topsport zijn. Of je grijpt de kans om eens kritisch te evalueren of een sport die nog steeds volgens de normen van de 19e eeuw wordt bedreven niet eens een update moet hebben. Als je alleen al kijkt naar de outfit van de spring- en dressuurruiters; die rijden nog steeds in kostuum hun wedstrijden, en ook het tuig ziet er nog vrijwel hetzelfde uit als een paar eeuwen geleden. Terwijl er allang ander, beter en modernere materialen verkrijgbaar zijn: een endurance wedstrijd is een bonte verzameling van allerlei soorten moderne zadels en ook de kleding is modern en vergelijkbaar met die van sporten zoals mountainbike en hardlopen.

Binnen de paardenwereld ligt de topsport onder vuur, omdat dankzij internet, de kennis over paarden onder paardeneigenaren zelf veel groter is geworden en men zich niet meer laat wijsmaken door de grote namen wat wel en niet goed is. Het rijden met scherpe bitten is verwerpelijk en niet meer van deze tijd. Tegenwoordig wordt met 21e-eeuwse technieken door sommige paardentandartsen het gebit aangepast aan het bit, een voorwerp uit de 13e eeuw. De voorste kiezen worden opzettelijk beschadigd en wordt er meer ruimte gemaakt voor het bit dooreen afronding in de eerste kiezen te maken. Deze kiezen liggen veel verder naar achteren dan dat de mondspleet lang is, een ruiter mag zichzelf dus eens kritisch de vraag stellen wat er verkeerd gaat tegen de tijd dat deze ‘bitseats’ noodzakelijk zijn om het paard ‘meer comfort’ te geven. Moderne inzichten hebben allang aangetoond dat paardrijden ook prima bitloos kan gebeuren en ook meer gezondheidsvoordelen heeft. De KNHS heeft als eerste paardensportbond ter wereld het bitloos rijden in de dressuur toegestaan tot het M-niveau, dat was echt enorme sprong voorwaarts, maar sindsdien is er niets meer gedaan aan innovatie. Bij springen, eventing en endurance is bitloos rijden al heel lang toegestaan.

Sport met paarden moet kunnen, maar dan wel op een dierwaardige manier, waarbij de paarden een paardwaardig bestaan krijgen en op een paardwaardige manier gereden worden. Paardrijden als sport zal niet verboden worden als allerhande organisaties stoppen met vasthouden aan 19e-eeuwse tradities en open gaan staan voor vernieuwingen en moderne inzichten.

Voorstanders van (top)sport, stop daarom met het aanvallen van de boodschappers, ga inhoudelijk in op de zaak en vertel wat de sport zelf kan doen om het welzijn van paarden te verbeteren én draagvlak voor sport te behouden. Doe het nu!

Jantine Leeflang

oprichter van ‘het nieuwe paardenhouden’ en gebitsverzorger

Over dekens en warmteverlies

Auteur: Martina Morlock

We weten waarschijnlijk allemaal dat een paard de mogelijkheid heeft te bepalen hoeveel bloed het naar de huid stuurt, daarmee kan het onder andere het warmteverlies reguleren. In de zomer wordt er veel bloed naar de buitenkant getransporteerd om af te koelen, je ziet dan vaak enorm dikke bloedvaten aan bijvoorbeeld de binnenkant van de achterbenen. In de winter gaat er minder bloed ‘langs de buitenkant’ en verliest het dus ook minder warmte. In de hoeven heeft het ook nog eens een mogelijkheid het warmteverlies op die manier te beperken (paarden met een onderliggende aandoening als hoefbevangenheid kunnen daar problemen mee krijgen). De huid van het paard is in dus de warmtebron die zo veel mogelijk geïsoleerd moet worden (in de winter).

In verband met warmtetransport en dus paardenvachten (+ dekens) heb je te maken met 3 manieren waarop de warmte verloren kan gaan in de winter:

Stroming (convectie)

Warmteverlies door stroming vindt plaats als de lucht die zich aan de huid opgewarmd heeft zich ergens anders heen verplaatst. De warmte verdwijnt zo dus mét die lucht. De vacht zorgt ervoor dat er zo min mogelijk lucht rond de huid kan bewegen/verdwijnen. Daarom zegt men dat stilstaande lucht isoleert. Maar, bij harde wind en aanhoudende regen verdwijnt er toch (veel) van die stilstaande lucht tussen de haren (de ruimte tussen de haren zal ook kleiner worden als de vacht steeds platter regent of uit elkaar waait) en zal de vacht op een bepaald punt minder goed/niet meer werken. Wanneer dat punt bereikt wordt zal verschillen per soort vacht en vachtdikte (en per paard dus). Doorgewinterde buitenpaarden maken mooie dikke vachten aan. Bij zieke en oudere dieren werkt alles wat minder, dus is het altijd opletten wat de individuele behoeften van je dier zijn.

Geleiding (conductie)

Dit vindt plaats als je iets aanraakt. Daarbij maakt het heel veel uit hoe goed een materiaal geleidt. Een ijzeren staaf zal warmte erg goed geleiden omdat metalen deze eigenschap hebben. Steek je een metalen pook een tijdlang in een houtkachel moet je een handschoen aandoen anders verbrand je je hand.

Wol of een vacht dus, geleidt veel minder goed dan zo’n metaal. Leg je je hand op een hele dikke vacht van een dier zal het veel langer duren eer je de warmte van dat dier gaat voelen dan bij een dunne vacht, of geen vacht, zoals wij (onze vacht bestaat uit kleding). De vachtdikte is dus van belang voor warmteverlies door geleiding.

Een deken legt de haren plat waardoor de stilstaande lucht erin verdwijnt, maar de vacht isoleert ook met dunne deken altijd nog tegen warmteverlies. Hoe dikker de vacht, des te beter werkt dat (de deken verhindert ook het verplaatsen van opgewarmde lucht want de wind blaast er niet meer door). Het is dus niet zo dat als je een deken oplegt meteen de volledige warmte-isolerende functie van een vacht weg is. Als het echt koud wordt, zeg -15 C (niet + 10 C…), en er is een dunne vacht (bv geschoren paard), dan zul je voor wat extra isolerend materiaal moeten zorgen anders raak je door geleiding te veel warmte kwijt (dus een gevoerde deken gebruiken als kunstmatige vacht). Vaak is bij Nederlandse temperaturen een windbreker al genoeg bij een paard met een lekkere wintervacht (stel er zou iets mis zijn, bv koliek of ziekte). Het droogt onder zo’n deken ook snel op. Uitproberen wat werkt bij het betreffende dier is altijd het devies. Voel onder de deken of het er warm en vochtig is of te koud. Is het te koud, is de deken onvoldoende warm. Het beste is altijd zo min mogelijk aan de vacht komen en schuilmogelijkheden bieden (muurtje/afdak/ etc), als dat kán.

Straling

Dat is wat je voelt als je op een meter van een houtkachel staat, of in de zon. Alle paarden stralen warmte uit, dat is de reden waarom je ze op een infraroodcamera in het donker kan zien. In de zomer voel je op een meter afstand van je paard z’n warmtestraling al. In de winter voel je dat helemaal niet, deze wordt namelijk tegen gehouden door de vacht. Heeft je paard (nog) onvoldoende goede vacht zelf gemaakt kan een deken in de winter eventueel helpen als kunstmatige vacht door wat van die warmte-uitstraling tegen te houden.

Onderkoelde mensen krijgen zo’n spiegelende deken om, dat is om de warmtestraling zo goed mogelijk terug te kaatsen. Een paard raakt meer warmte kwijt in een betonnen stal dan in een houten. Het paard is dan net als de zon die de tegels verwarmt.

Let heel erg op dat je op het moment dat een vacht aangemaakt wordt zo min mogelijk dekens gebruikt, want die kunstmatige warmte verstoort de aanmaak van de vacht en kom je van de regen in de drup.

Let er ook altijd op dat vanwege medische redenen en/of ouderdom een deken juist wel een hulpmiddel kan zijn omdat ouderdom de vachtkwaliteit verminderen kan. De individuele behoeftes van een dier kunnen sterk verschillen.

De grootste vijanden zijn dus: wind en water. Water koelt af als een gek, dat is ook hoe zweten werkt. De wind verwaait alle warmte. Haal je de wind weg is het al heel snel heel veel warmer, dat kennen wij zelf ook. Droog in je zwembroek of bikini in de koude wind staan is 10x minder erg dan nat.

Een muurtje (of afdak) doet dus al verdomd veel voor een paard.

Vergeet niet dat dekens naast het verhinderen van vachtproductie meer schadelijke effecten hebben! Zo verhinderen ze de opname van vitamine D door de huid, omdat ze onder een deken eigenlijk constant ‘in de schaduw staan’.

Voor de huid zelf is het ook niet goed, schuurplekken en zweet zorgen voor een veel vochtiger klimaat onder zo’n deken en vergroten de kans op schimmels en wonden etc. En last but not least, paarden verbranden onder die deken veel te weinig energie, velen komen dus veel te vet de winter uit dan gezond voor ze is (obesitas, Insuline Resistentie/Dysfunctie, hoefbevangenheid ligt op de loer).

 

Basiskennis natuurkunde en verder naslagwerk:

https://www.roelhendriks.eu/Natuurkunde/w2H%20warmte/warmte.html

https://davidmarlin.co.uk/portfolio/the-science-of-rugging-horses-what-to-use-when/

https://www.roelhendriks.eu/Natuurkunde/w2H%20warmte/warmte.html

https://www.aljevragen.nl/na/warmte/THE012.html 

https://drkhorsesense.wordpress.com/2017/02/06/winter-laminitis/

https://www.dehoefslag.nl/laatste…/dekens-te-warm.html

https://thesoulofahorse.com/blog/no-more-blankets-an-amazing-article/?fbclid=IwAR3AushI2t-w9KsC_jCWPNOL3U4hz9ZxhK9AG8Yc3BNOh-ZNcclMqs70PJo

 

Een paard is geen fiets

Onderstaand ingezonden stuk is eerder verschenen in NRC Handelsblad en helaas (weer) actueel.

Het is slecht gesteld met het welzijn van paarden in Nederlandse maneges, stelt de dierenrechtenorganisatie Dier & Recht. In bijna 85 procent van de onderzochte maneges (44 van de 53) hebben de paarden een slecht leven, meldt haar rapport Misstanden op de manage (maart, 2018). Een greep uit de symptomen: luchtwegproblemen door een stoffige stal, gedragsstoornissen
door sociale isolatie en maagzweren door stress en slechte voeding. In een petitie aan de minister van Landbouw benadrukt Dier & Recht dat paarden kuddedieren zijn, met een sterke behoefte aan zicht-, hoor- en reukcontact en de mogelijkheid tot fysiek contact met tenminste één ander paard.

Ook de deftige Hollandsche Manege in Amsterdam krijgt ervan langs. De stallen zijn er te klein, er is geen weiland in de directe omgeving. De eigenaren Justus Valk en vader Vincent kregen maandag in NRC uitgebreid de gelegenheid hun kant van het verhaal te geven. „De onderzoekers leggen de lat wel erg hoog”, zegt de vader. „Het is onmogelijk aan alle eisen te voldoen.” De zoon: „Ze willen dat
paarden in een villawijk wonen met zwembad in de tuin. Mensen die in een volkswijk wonen, kunnen toch ook gelukkig zijn? We mishandelen toch geen dieren?”

De lat ligt helemaal niet te hoog. Eigenlijk nog veel te laag, met een minimum van vier uur per dag vrije beweging. Paarden hebben een aantal basisvoorwaarden om gezond en gelukkig te leven; voldoende ruwvoer, vriendjes en vrijheid. Die zijn net zo belangrijk als eten en drinken. Een manege-eigenaar mag een paard dus niet behandelen als fiets, die je na gebruik terugzet in de stalling. Een
kat stop je ook niet in een kratje. Relatief gezien zijn de afmetingen van zo’n kratje vergelijkbaar met de afmetingen van een paardenbox, in beide gevallen kan het dier z’n kont amper keren. Twee uur per dag eruit is onvoldoende. Een paard beweegt van nature 80 procent van de tijd, terwijl paarden
op stal 90 procent van de tijd stil staan. Voor hun welzijn is het belangrijk dat ze elkaar kunnen zien en aanraken. Dat ze hun stalgenoot een beetje voor het uitkiezen hebben. Anders volgt er ruzie.

De Hollandsche Manege stamt uit de negentiende eeuw en de directie koestert nog negentiende-eeuwse opvattingen over dieren. Wat dat betreft is Artis moderner. Deze dierentuin staat net als de Hollandsche Manege in de stad en stamt uit dezelfde tijd. Maar de afgelopen decennia bracht de organisatie het aantal dieren terug om de overgebleven dieren meer ruimte te geven. Wie herinnert zich niet de ijsbeer die altijd ijsbeerde. Toen de ijsbeer stierf, kwam er geen nieuwe voor in de plaats. Paarden kunnen niet eens ijsberen in hun box. Daarom gaan ze weven, luchtzuigen of kribbebijten. Ook wel stalondeugden genoemd, alsof het paard er zelf schuldig aan is. Maar dat is dus het gevolg
van een ondeugdelijke stal en maar zeer zelden van rouw, zoals de Hollandse Manege beweert. Paarden die geschiktere huisvesting krijgen, vertonen algauw minder stalondeugden en op den duur kan hun gedrag volledig normaliseren. Ik heb zelf twee paarden die fanatieke luchtzuigers waren. Inmiddels zijn ze daar helemaal van genezen.

De Hollandsche Manage zou een voorbeeld kunnen nemen aan Manege en Ponykamp De Burght. Zo’n vijftig paarden leven daar in een kudde en hebben de beschikking over ruwvoer op een centrale voerplaats, een ruim opgestrooide inloopstal en een uitloop van een hectare. Alle paarden staan er dag en nacht buiten. Problemen met rangorde, blessures en verwondingen komen weinig voor, omdat er zoveel ruwvoer wordt verstrekt dat ook de paarden lager in de rangorde voldoende kunnen eten. Bijkomend voordeel is dat uitmesten veel minder werk is.

Een andere optie voor het huisvesten van paarden op een kleiner oppervlak is het Hit Actief-systeem. Stal Mansour in Arnhem heeft dat als eerste ingevoerd. Hier stonden ruim vijftig paarden op een halve hectare, tegenwoordig ruim een hectare. Ook bij Mansour geen rangordeproblemen, de paarden krijgen via een speciaal voersysteem te eten.

Nog een goed voorbeeld: in Amsterdam, bij Boerderij op IJburg, staan de paarden altijd buiten. Ze worden bitloos en ijzerloos gereden. De stadskinderen die daar komen kunnen zich niet meer voorstellen dat er elders paarden in ‘fietsenrekken’ opgesteld staan, met hun hoofd vastgebonden.
„Wij zijn voor dierenwelzijn, maar het moet wel haalbaar en betaalbaar zijn”, zeggen vader en zoon Valk van de Hollandsche Manege. Dat kan dus wel degelijk! Bovendien moet je je afvragen of je wel ten koste van een dier door moet willen gaan met je werk. Als de Hollandse Manege de nieuwe normen niet ziet zitten (minder paarden, grotere ruimtes, vaker naar een weiland, huisvesting buiten
de stad en alleen voor lessen op de vrachtwagen naar de binnenstad), moeten we ons afvragen of deze manege nog wel bestaansrecht heeft.

Vincent Valk durft zelfs te stellen dat het rapport van Dier & Recht is stemmingmakerij is. Niets is minder waar. Het is de schrijnende realiteit waarin paarden anno 2018 leven. Een boer die zijn koeien in individuele boxen zou huisvesten, zoals deze manege doet, is strafbaar. Voor
paardenhouders zou hetzelfde moeten gelden.

Vlogs van Quincy Ruiter over paddock paradises

Quincy Ruiter maakt vlogs over alles wat met paarden te maken heeft. Quincy is 22 jaar en paarden zijn haar passie! Ze heeft één eigen paard Desi : Groninger merrie van 1,68 , 15 jaar oud. Desi is haar eerste eigen paard. Ze hebben onwijs veel meegemaakt samen en ze komen er altijd weer een beetje bovenop!

Hieronder een tour door de paddock paradise waar Desi staat (toevallig bij ons op het dorp)

Vorige week kwam Quincy ook bij ons langs voor een video. Wij hebben dan wel niet een echte paddock paradise met een rondlopende track, maar wel een andere oplossing. Wij werken met een soort pop-up paddock paradise wat je in principe overal neer kunt zetten en wat ook niet heel veel geld kost als je het paddock paradise systeem wilt uitproberen:

Het nieuwe paardenhouden in de ‘her & der’

Voor het verenigingsblad van de endurance vereniging mocht ik een stuk schrijven, ontzettend leuk. De tekst staat hieronder weergegeven:

Het nieuwe paardenhouden

In de herfst van 2018 werd met aardig wat bombarie het keurmerk paardenwelzijn gepresenteerd, maar de eisen voor het keurmerk waren zo afgezwakt dat bijvoorbeeld één van de minimumeisen was dat elk paard minimaal een half uurtje per dag los moet lopen. Dat maakte me zo woest dat ik eerst een artikel gewijd heb op mijn website aan het ‘keurmerk kattenbak’. Daarna ben ik gaan nadenken over hoe ik hier ook een positieve draai aan zou kunnen geven. Zoiets als de dierenbescherming gedaan heeft met het beter leven keurmerk voor vlees. Je kunt niet verwachten dat iedereen van de ene op de andere dag biologisch of zelfs vegetarisch gaat eten, maar met een keurmerk dat opgedeeld is in kleinere stappen en met een duidelijke ondergrens, breng je welzijn duidelijk onder de aandacht.

Het grote probleem was daarbij dat je als particulier niet zomaar even een concurrerend keurmerk uit de grond kan stampen, omdat het je simpelweg ontbreekt aan de financiële middelen. Gelukkig leven we in de 21e eeuw waarin internet een belangrijke rol heeft gekregen en sommige veranderingen daardoor van ‘onderop’ komen in plaats van ‘bovenaf’. Vroeger liep alles via deskundigen, aangezien de deskundigen zich nu schaarden achter het half uurtje naar buiten, werd het tijd voor een aanpak van onderaf, met elkaar dus voor en door paardeneigenaren. Ik heb een website gemaakt, die hosten we vanaf onze eigen NAS thuis (waar ook de endurancedatabase van Rein Duijts op draait), zodat de kosten beperkt blijven tot 10 euro per jaar voor het claimen van de URL www.hetnieuwepaardenhouden.nl. Tegelijkertijd ben ik een gelijknamige facebookgroep gestart om samen met andere mensen letterlijk het nieuwe paardenhouden op de kaart te kunnen zetten. Om zo te laten zien dat het wél kan; paarden altijd buiten, óók in de randstad, óók op veen- of kleigrond en óók voor sportpaarden.

Vanuit mijn werk als bekapper en gebitsverzorger had ik allang kennisgemaakt met verschillende kleinschalige pensions onder de rook van Amsterdam op veengrond, dus we konden de kaart meteen gaan vullen. Het aantal aanmeldingen uit heel Nederland stroomden binnen op de email, de eerste weken heb ik dagelijks meerdere adressen moeten verwerken in de kaart. Inmiddels zijn er op de kaart meer van 200 paard vriendelijke adressen te vinden. Er staan voornamelijk pensions op met 2 of 3 sterren, wat inhoudt dat de paarden altijd buiten lopen in groepsverband. Bij één ster kun je denken aan groepshuisvesting in bijvoorbeeld loopstallen, of een systeem waarbij de paarden ’s nachts in grote overdekte sociale paddocks staan en overdag buiten in groepjes. De derde ster wordt dan toegekend aan pensions met een tracks- of looppadsysteem, het paddock paradise systeem.

Paarden in een paddock paradise plaatsen zorgt ervoor dat ze gestimuleerd worden om hun natuurlijke gedrag te tonen, meer dan in een vierkante paddock met zand. Van haaien is bekend dat ze sloom en ongezond worden als je ze in een aquarium stopt, er is geen enkele reden of uitdaging om actief te gaan zwemmen. Als er stromend water door de bak gepompt wordt, gaan ze actief aan de gang en moeten ze zwemmen en worden ze gezonder. De track is vergelijkbaar met stromend water voor de haai. Ook al is er weinig oppervlak; er is altijd een manier om een uitdaging te verzinnen voor je paard. We zijn al veel creatieve oplossingen tegengekomen; een pad (‘track’) rondom de rijbak bijvoorbeeld kan al een verrijking zijn. Bij een bak van 20 x 40, heb je dan toch al snel 120 meter extra aan looppad voor je paarden!

De traditionele variant waarbij paarden ’s nachts in boxen gaan en overdag in postzegelpaddocks komen niet op de kaart, die manier van huisvesten is al decennialang gebruikelijk. Wat soms leidde tot boze mails van pensioneigenaren met een dergelijke huisvesting: “ja maar we zitten hier op veengrond/kleigrond, we zitten in de randstad dus het kan niet”, maar het kan wél blijkt nu. Diezelfde traditionele pensions moeten zichzelf ook eens achter de oren krabben, op elke horrorbodem van Nederland kan altijd wel die eb- en vloed bak aangelegd worden en dus ook droge en mooie paddocks. Er is zelfs een paddock paradise dat zich uitsluitend richt op hengsten, dus ook hengsten blijken nu buiten te kunnen staan in een groep, kan dat excuus ook weer van tafel.

Een ander veelgehoord argument is ‘ja maar rijden is ook niet natuurlijk’. Het gaat er ook niet om wat natuurlijk is, want natuur is niet zo lief en gezellig als het klinkt en daarom komt het woord natuurlijk ook niet voor in ‘het nieuwe paardenhouden’. In de natuur heerst vooral honger, dood en verderf. Er is in de natuur geen medische zorg en in de natuur geldt het recht van de sterkste. Gezond oud worden is ook geen doel in de natuur, het enige wat de natuur wil is voortplanting. Als jij als merrie maar zes jaar oud wordt en wel vijf veulens hebt gehad, heb je voor de natuur je taak al meer dan volbracht en is je verdere aanwezigheid niet meer van waarde.

Rijden is dat niet natuurlijk, maar wel ontzettend gezond! Voor mens en dier. Paarden vinden over het algemeen buitenrijden erg leuk, vergelijk het met het uitlaten van je hond. De hele dag een beetje rondscharrelen op het erf is best oké, maar met uitlaten zie je veel meer! Bovendien maakt een paard in een paddock paradise, hoe goed deze ook is ingericht en hoe groot deze ook is, nooit het aantal kilometers die het maakt in het wild. In een paddock paradise lopen ze 3- 5 km in een etmaal, de rest moet je dan ‘bij’-rijden, of ‘bij’-mennen/wandelen/fietsen/steppen, dus het ‘ja maar rijden is niet natuurlijk’ argument kan ook van tafel.

Om duidelijk te maken dat het buiten huisvesten van paarden niet iets is wat uitsluitend voorbehouden is aan boom knuffelende paardenhippies met wandel- en aaipaarden, heb ik een oproep gedaan wie er wedstrijden rijdt met zijn of haar paard. Er kwamen reacties van dressuurruiters, TREC-ruiters en natuurlijk endurance ruiters. Het wordt steeds lastiger om in een discussie het ophokken van paarden te verdedigen onder het mom van ‘ja maar ik heb een sportpaard’, met deze sportruiters is nu duidelijk gemaakt dat het één het ander niet uitsluit. Het aantal reacties vanuit de endurance was vele malen hoger dan vanuit andere sporten, deels omdat we veel meer mensen kennen in de endurance, maar ook omdat in endurance veel meer mensen hun paard al hebben buiten staan.

Natuurlijk is er ook kritiek op dit initiatief, hoe denken we al die adressen te gaan controleren? Nou dat kunnen we niet, dat is onbegonnen werk, maar we maken gebruik van de natuurlijke sociale controle van de toch wel kleine paardenwereld. Er is altijd wel iemand die een pension kent en als daar zaken niet op orde zijn, komt dat altijd uit.

De gelijknamige facebookgroep die ik had opgericht met als doel om adressen te verzamelen blijkt ook in een behoefte te voorzien om tips en trucs met betrekking tot buiten huisvesten van paarden te delen. Wat is een handige slowfeeder, wat zijn manieren om je track te maken, hoe doe je dat met omheining en ga zo maar door. Inmiddels is de groep de grens van 1000 leden gepasseerd. Het is inmiddels 2019 en we gaan door, want #hetkanwél altijd buiten, in een groep, ook op veengrond, in de randstad en ook voor sportpaarden! En het kan dus ook; een alternatief, zonder geld, zonder deskundigen, maar met elkáár!

www.hetnieuwepaardenhouden.nl

 

 

Het nieuwe paardenhouden komt op TV!

Voor TV Utrecht zijn opnames gemaakt over het initiatief ‘het nieuwe paardenhouden’. Het is leuk om te horen dat ze bij het rusthuis in Soest vertellen dat ex-stalpaarden óók prima (weer) in een kudde kunnen leven. Een vaak gehoord argument om een paard niet in een kudde te zetten is dat het paard niet meer gewend is met anderen te staan, maar dat is dus klinkklare onzin.

De datum van de uitzending is nog niet bekend, maar ik mocht het filmpje al wel publiceren.

Gezondheidsvoordelen van buiten huisvesting voor je paard

Met groeiende verbazing las ik het verslag van LTO paardensector over het bezoek aan de Hogeschool in Dronten, waar ik ook een lezing mocht geven.

LTO doet voorkomen alsof normen en waarden nu bepalen wat als paardenwelzijn wordt beschouwd en niet langer wetenschappelijke feiten. Uit ieder recent onderzoek blijkt dat er alleen maar gezondheidsvoordelen zitten aan groepshuisvesting van paarden, in de buitenlucht.

Om de voordelen nog maar eens op te noemen:

  • gezondheid van de hoef; door veel bewegen is de doorbloeding van de hoef goed. het hoefmechanisme van de hoef werkt namelijk alleen als een paard in beweging is.
  • gezondheid van de benen; stalbenen komen buiten bijna niet voor.
  • verveling; paarden die buiten leven met vriendjes en voldoende ruwvoer zullen zich niet zo snel vervelen en daarmee samenhangend…
  • stalondeugden komen minder voor bij paarden die buiten staan en paarden die stalondeugden hadden gaan dit minder doen als ze buiten in een groep staan en soms verdwijnt dat zelfs helemaal
  • gezelschap; paarden zijn kuddedieren die zich veiliger voelen als ze in een groep zijn. Als een deel van de paarden slaapt, waken anderen. Gezelschap nodigt uit tot spelen.
  • spijsvertering; beweging zorgt voor een betere spijsvertering, ook onbeperkt toegang tot ruwvoer voorkomt maagzweren. Koliek komt vaker voor bij stalpaarden (vaak door het opeten van hun stalbedekking).
  • longfunctie; longproblemen komen minder voor bij paarden die buiten staan. In stallen krijgen sommige paarden last van stof of ammoniakdampen
  • gedrag; paarden die buiten staan in groepen zijn evenwichtiger en beter hanteerbaar dan paarden die veel op stal staan

Natuurlijk zitten er ook wel wat onhandige puntjes aan groepshuisvesting buiten met je paard;

  • je paard is eerder vies
  • individueel voeren is lastiger (de dikke tinker en de schrale arabier in één kudde)
  • mestonderzoek (welke drol is van wie)
  • meer werk voor de eigenaar (mest ligt niet op 9m2 maar op vele vierkante meters verspreid)
  • weersinvloeden

Al deze punten zijn wel op te vangen, dus nadelen zou ik het niet willen noemen.

 

https://thehorse.com/120159/turnouts-effects-on-stall-kept-equine-athletes/

https://www.thesprucepets.com/importance-of-turnout-for-your-horse-1886932

Turnout for horses: 24/7, part-time or not at all? Here are the pros and cons…

 

 

Het nieuwe paardenhouden lezing op Aeres Hogeschool Dronten

Een paar weken geleden werd ik benaderd door de studenten van de opleiding hippische bedrijfskunde aan de hogeschool in Dronten. Ze wilden graag dat ik wat kwam vertellen over mijn bedrijf (dagcursussen, gebitsverzorging en natuurlijk bekappen) en ook over het nieuwe paardenhouden. De lezing vond plaats op woensdag 6 maart 2019. Op veel opleidingen wordt nog altijd het traditionele beeld geschetst, zowel op de agrarische VMBO en MBO opleidingen, maar ook op de HBO opleidingen.

Ontzettend leuk om dan eens te mogen vertellen over dat het ook anders kan. Dat het tijd is voor vernieuwing in de toch wel traditionele paardensector. Alle excuses die tot nu toe aangevoerd werden, zoals:

  • het kan niet, want we zitten in de randstad en daar is te weinig ruimte
  • het kan niet, want ik heb een sportpaard
  • het kan niet, want we zitten hier op veen/kleigrond

kunnen nu aantoonbaar van tafel geveegd worden. Wie de kaart met pensions opent ziet direct dat het wél kan, óók in de randstad en óók op veen- en kleigrond. En met de sportvoorbeelden op deze site hebben we ook al laten zien dat sport en zelfs topsport prima samengaan met buiten huisvesten van je paard. De sportvoorbeelden die op deze site zijn te vinden, heb ik ook in de lezing de revue laten passeren. Na afloop zijn er nog veel studenten bij mijn standje langs geweest en waren zeer enthousiast.

Na mij was de spreker Ralph van Venrooij, voorzitter van LTO vakgroep paardenhouderij. Hij schetste ook een beeld van een sector die achterloopt op de andere sectoren, de veehouderij is in een aantal zaken al ver vooruit. Ook maken zij zich hard voor het wel zeer scheve verschil in BTW tarief. Een traditionele pensionstal met individuele boxen valt onder het 0% tarief, ja je leest het goed NUL en een paddock paradise valt onder het 21% tarief! (Ik vraag me dan af wat de belastingdienst doet als je een schuur met lege boxen hebt en de paarden overdag altijd buiten, of gewoon lege boxen ergens op je land parkeert…)

Dat het tijd is voor vernieuwing, of innovatie als je dat een mooier woord vindt (ik krijg altijd jeuk van dat woord) is wel duidelijk. We houden paarden nog steeds alsof ze dienst doen bij de cavalerie van het leger, een tijd waarin paarden een totaal ander gebruiksdoel hadden en in een tijd waarin de tijdgeest en opvattingen over dieren totaal anders was. De paardenhouderij is in veel opzichten eigenlijk in de Middel-Eeuwen blijven steken. Als de sector blijft volharden in traditionele opvattingen missen ze de boot. De nieuwe lichting studenten denkt er al duidelijk anders over en maakt andere keuzes. Studenten die hun paard bewust niet op de stallen van de opleiding hebben staan, maar in een paddock paradise. Dit zijn wel de hippische ondernemers van de toekomst en die willen duidelijk een andere koers gaan varen!

 

Jantine Leeflang

Hoe de tijd al tien jaar stil staat in de paardenhouderij

In juni 2009 kwam de dierenbescherming met de campagne ‘paardaardige tips’. Dit was een campagne om mensen bewust te maken van het feit dat paarden beweging, vriendjes en ruwvoer nodig hebben. Er waren ansichtkaarten gedrukt met daarop ‘Pablo doet lekker gek. Want hij staat al 3 maanden alleen binnnen’.

In de folder met daarop ‘paardaardige tips’ stond:

“Paarden zijn groepsdieren en willen voldoende weidegang (beweging) hebben. Ze moeten dus niet in hun eentje worden gehouden en ze willen veel meer dan een uurtje per dag lekker vrij (dus zonder ruiter) de wei in. Het lukt natuurlijk niet om het van ene op de andere dag helemaal ideaal te krijgen, maar er zijn heel wat paardaardige tips waarmee het leven van paarden eenvoudig aangenamer valt te maken.”

In de tips wordt genoemd dat een paard of pony alleen in de wei een vriendje moet hebben. Dat paarden in de natuur een groot deel van de dag bezig zijn met eten en dus beter af zijn met meerdere porties ruwvoer per dag. En zorg dat je paard op stal contact kan hebben met z’n buurman.

Inmiddels is het 2019 en oh wat zijn we enthousiast met zijn allen dat er een campagne is ‘deel je weide’ en dat er een keurmerk paardenwelzijn gemaakt is waarbij een half uurtje loslopen al voldoende is. Kortom…..

WE ZIJN IN TIEN JAAR TIJD HELEMAAL NIETS OPGESCHOTEN

In discussies zie je mensen antwoorden dat we ontzettend blij moeten zijn met deze kleine stapjes. Nee, ik ben helemaal niet blij, wat het zijn geen stapjes, het zijn nog steeds diezelfde fucking schijnbewegingen van tien jaar geleden. Er verandert geen moer!

Weer adverteert een vijf sterren pension aangesloten bij de FNRS met ‘luxe boxen’ en wel vier paddocks waar de paarden in kunnen als hun box uitgemest wordt. De hele winter komen deze paarden dus amper buiten! Gelukkig is er wel aan alles voor de ruiter gedacht; drie rijbanen, één binnen en twee buiten, natuurlijk één van 20 x 40 én één van 20 x 60 m. Natuurlijk is ook aan de stapmolen gedacht. Vijf sterren, vijf! Voor wat? Niet voor paardenwelzijn in elk geval. Mij is ter ore gekomen dat alle bedrijven die aangesloten zijn bij de FNRS sowieso het keurmerk paardenwelzijn krijgen, want ook dit bedrijf kan kennelijk ergens aan de minimumeis voldoen dat een paard een half uur per dag losloopt. Waarschijnlijk wordt lopen in de stapmolen dan ook als loslopen gerekend.

Over tien jaar staan we dan weer met z’n allen te juichen dat een BN-er in een fimpje, opgenomen in een box met dichte muur, vertelt dat paarden samen gelukkiger zijn? En dan hebben we weer een campagne en een nieuw keurmerk (kwartier uit de box is genoeg)? Of zou er dan écht een keer wat veranderd zijn…..

 

Koffieochtend ‘het nieuwe paardenhouden’ noord-west Nederland *VOL!*

Zondag 3 maart 11h-13h Venhuizen (NH) *******VOL!!!!!!**********

Koffie ochtend voor (collegiale) intervisie over paarden buiten houden. Het is leuk en gezellig om kennis en ervaringen uit te wisselen (hoe hou je je paddock en track droog/wat is de beste slowfeeder/hoe introduceer je nieuwe paarden in je kudde/hoe kun je toch individueel voeren etc). Voor zowel privé pensions als commerciële pensions, of voor mensen die overwegen hun paarden buiten te gaan huisvesten. Ik zal een stukje vertellen over het ontstaan van het concept paddock paradise. Deelname gratis, wel even doorgeven aan mij zodat ik weet hoeveel mensen er komen (jileeflang@gmail.com). Als iedereen wat lekkers meeneemt voor bij de koffie of thee maken we er een gezellige ochtend van.